Herman Schlegel (° 1804 - † 1884)

organisaties

HERMANN SCHLEGEL (° 1804 - † 1884) zag op 10 juni 1804 in Altenburg (Saksen) het levenslicht. De zoöloog was sinds 1825 aan het Rijksmuseum van Natuurlijke Historie te Leiden verbonden en sinds 1828 conservator aldaar. Hij bestudeerde vooral de dieren van Nederland en de overzeese gebiedsdelen, met name de vogels. Vanaf 1860 tot zijn dood op 17 januari 1884 was hij directeur van het Rijks Museum van Natuurlijke Historie, het huidige NATURALIS. In 1847 stelde de bioloog tien eisen op schrift waaraan een wetenschappelijke tekening moet voldoen.Hij ging er vanuit dat een dergelijke illustratie de kenmerken van het afgebeelde voorwerp zo moet weergeven, dat op basis van de tekening wetenschappelijke studie kan worden verricht. Eigenlijk moet de tekening het afgebeelde voorwerp kunnen vervangen. Dat heeft ook een praktisch voordeel: het voorwerp aan iedereen uitlenen kan natuurlijk niet, iedereen een afbeelding van het voorwerp laten bekijken kan wel. Om een tekening te maken die een betrouwbare afspiegeling is van de werkelijkheid en die voor iedere beschouwer is te begrijpen, dient de tekenaar te werken volgens de volgende eisen:

  1. Het voorwerp moet zo nauwkeurig en natuurgetrouw mogelijk weergegeven worden.
  2. De omtrekken van de tekening moeten duidelijk zijn.
  3. De details van het voorwerp moeten uitvoerig behandeld worden.
  4. Het voorwerp moet afgebeeld worden aan de zijde die de minst mogelijke verkortingen geeft. Dat betekent meestal in streng profiel afbeelden.
  5. Individuele afwijkingen en onregelmatigheden van het voorwerp moeten niet afgebeeld worden als het om de weergave van de kenmerken van de soort gaat.
  6. De positie van de voorwerpen moet eenvoudig en natuurgetrouw zijn, n.l. vogels zittend, zoogdieren staand, vissen met gespreide vinnen en insecten met gespreide vleugels.
  7. De lichtval moet zo natuurlijk mogelijk zijn, liefst van de zijde invallend en zonder donkere schaduwen.
  8. De wetenschapper die tekeningen laat maken, moet op de hoogte zijn van in de kunst gebruikte technieken en reproductiemethoden.
  9. De kunstenaar die wetenschappelijke illustraties maakt, moet op de hoogte zijn van de eigenschappen, houdingen en wetenschappelijke kenmerken van de voorwerpen die afgebeeld moeten worden.
  10. Wetenschappelijke illustraties dienen onder leiding van een wetenschapper te worden vervaardigd.

Uit: Verhandeling over de vereischten van natuurkundige afbeeldingen, Hermann Schlegel, 1849, Erven F. Bohn

Dr. Schlegel wist waarover hij het had, want hij was zelf ook een tekenaar. Wetenschappelijk illustratoren houden zich nog steeds aan zijn ”tien geboden”. Als museumdirecteur had de professor grote verwachtingen van JOHANNES GERARDUS KEULEMANS, die van 1864 tot half 1868 zijn tekenaar-assistent was en na zijn emigratie naar Groot-Brittannië een wereldberoemd illustrator werd.

organisaties