|
Steenuilen horen bij mensen en de ingrediënten voor een goede biotoop zijn een beweid grasland mét heiningpaaltjes, oude schuren en solitaire bomen. Door het grootschaliger worden van de landbouw en de neiging om het landschap steeds verder aan te harken is de voedselsituatie en de beschikbaarheid van nestgelegenheid echter in het gedrang gekomen. Het aantal broedparen is de laatste decennia dramatisch afgenomen. Sinds 1979 met 40 procent. Dat deed de kleinste uil van Nederland –amper groter dan een spreeuw- op de Rode Lijst belanden. Het dier moet hierdoor zelfs actief beschermd worden.
Mede om die reden verscheen bij Roodbont Uitgeverij het boek ”Steenuilen”, waarin niet alleen de problemen duidelijk aan de orde komen, maar ook praktische en soms heel simpele oplossingen worden aangedragen om het deze typische boerenvogel beter naar de zin te maken. De uitgave bundelt een grote hoeveelheid wetenschappelijke kennis, die de auteurs –Peter en Wies Beersma en Arnold van den Burg– op een prettig leesbare manier voor het voetlicht brengen. Fantastische foto’s sluiten naadloos bij de tekst aan, wat ook geldt voor de tien illustraties van
ELWIN VAN DER KOLK, die vorig jaar ook al een bijdrage leverde aan de brochure ”Steenuil onder de pannen” van Vogelbescherming Nederland.
De Duitse zoöloog Alfred Edmund Brehm (° 1829 - † 1884) noemde de honkvaste vogel „een allerliefst dier, dat de genegenheid van de mens verdient.” ”Steenuilen” (ISBN 978-90-8740-008-8; 120 pagina’s; € 19,95) zal er zeker toe bijdragen om die tere snaar te raken.
Informatie: www.roodbont.nl
|