Het Amerikaanse tijdschrift
WILDLIFE ART bestaat een kwart eeuw. In de jongste editie van het nummer staat hoofdredacteur Keith Hansen stil bij dit feit en benadrukt hij tegelijkertijd de belangrijke rol die kunstenaars spelen bij het behoud van de flora en fauna.
Judy Archibald schets in een persoonlijk getint artikel de ontwikkeling van ”wildlife art” in de afgelopen kwart eeuw en schroomt niet om in deze terugblik dieptepunten te noemen, zoals de gekte rond ”limited edition prints”, die eind jaren tachtig begon en uiteindelijk leidde tot het instorten van de markt van reproducties.
Nu het puin is geruimd en de stofdampen zijn opgetrokken constateert ze echter dat de markt voor dit kunstgenre in Amerika weer aantrekt. Volgens haar is de kwaliteit de afgelopen 25 jaar verbeterd en wordt wildlife art door steeds kunstmusea geaccepteerd. Tijdens tentoonstellingen wordt jaarlijks voor miljoenen dollars verkocht. De oplage van prints is tegenwoordig ook veel realistischer, aldus Judy Archibald. ”Verzamelaars kopen een reproductie nu niet meer in de eerste plaats vanwege de mogelijke waarde in de toekomst, maar omdat de afbeelding hen aanspreekt.
GICLÉE’s op canvas zijn wat dat betreft een boeiende toevoeging aan dit segment.”
Het januari/februari-nummer haalt –meer dan de afgelopen jaren het geval was– bekende kunstenaars voor het voetlicht, zoals Alan Hunt, Michael Dumas, John Tolmay,
JULIAN FRIERS, Richard Sloan, Bev Doolittle, Michael Sieve, Daniel Smith, Morten E. Solberg,
ROBERT BATEMAN en Doug Eck.
|