Door Kester Freriks
Beeldend kunstenaar Hans Waanders (1951-2001) heeft een wetenschappelijke obsessie
voor de ijsvogel. In zoölogische kringen zou men zeggen: Waanders 'werkt'
eraan. Op een dag, 4 oktober 1982, ontdekte Waanders aan de Maasoever een
ijsvogel. De kennismaking met deze gedrongen vogel, iriserend blauw-groen
op de rug, roestbruine borst, heeft hem nooit losgelaten en groeide uit
tot een 'milde' vorm van bezetenheid. In het Zoölogisch Museum van Artis
is een kleine, smaakvol ingerichte expositie gewijd aan Waanders'
artistieke bemoeienis met de ijsvogel. De tentoonstelling heet Alcedo
atthis naar de Latijnse naam van deze in Nederland zeldzamer wordende
verschijning.
Na zijn ontmoeting met de ijsvogel verzamelde Waanders alles wat hij over de vogel kon vinden. Hij
raadpleegdeornithologische handboeken, veldgidsen, zocht postzegels met de afbeelding van de visetende
vogel met zijn dolkvormige snavel. Al deze gegevens heeft hij in beelden en prenten vertaald. Waanders'
werk vertoont overeenkomsten met de conceptuele kunst. Hij maakt stempels in hemelsblauwe kleur met de
ijsvogel erop. Vervolgens drukt hij dit stempel op de witte bladzijden van een boek of zelfs over
bestaande vogelpostzegels of sigarenbandjes heen.
Het kunstwerk Typography of the bird (1997) toont alle onderscheidende kenmerken van de ijsvogel,
zoals gidsen die geven. Pijltjes wijzen naar de messcherpe snavel, de korte staart, spitse vleugels.
Ook citeert hij de omschrijving uit de vakliteratuur en drukt die af in een van zijn vele kunstboeken,
zoals de aanduiding: ,,Vliegt met snorrende vleugelslagen in snelle vlucht laag over het water.'' Waanders
tekende de ijsvogel in al zijn posities: inderdaad vliegend, duikend en weer omhoog schietend uit het water.
Waanders fotografeerde zichzelf met een wit T-shirt waarop de Latijnse naam Alcedo atthis staat. Hij nam die
opnamen in IJsland, Portugal en Schotland, juist op plaatsen
waar zich de grenzen van het territorium bevinden. Het werk van Waanders getuigt van een strenge orde. De
postzegels zijn met precisie op de papieren ondergrond geplakt. Op een wereldkaart geeft hij de lokale namen
van de ijsvogel weer, zoals 'kik-kik-kik' in Australië tot 'klek-klek' in Brazilië. Hoe verder zijn obsessie
reikte, des te meer kwam hij erachter hoezeer taal tekort schiet om bijvoorbeeld de roep van de ijsvogel
fonetisch te duiden. In de catalogus staan afbeeldingen van de Dommelbrug in Eindhoven. Aan de ene zijde staat,
bij wijze van bescheiden graffiti, in het blauw 'tsjie' en aan de andere zijde 'tit tit tit'. In elke taal brengt
de vogel een andere klank voort.In zijn drang de ijsvogel in beelden te vangen, maakte Waanders foto's van takken
die hij vanuit de oever over een snelstromende beek of riviertje legde. Het zijn 'duikstokken' naar de gewoonte van
het diertje vanaf een lage plaats zijn prooi te verschalken. Perches (2001) heet de serie, ontstaan in Frankrijk
en België. De lege tak, waarop elk ogenblik een ijsvogel kan neerstrijken, spiegelt zich haarscherp in het water.
Uit Waanders obsessie spreekt ook weemoed. Hij wil de ijsvogel in al zijn gedaanten weergeven, zodat we deze
boeiende vogel weer terugwinnen in onze herinnering. Op het laatst werd voor Waanders alles ijsvogelblauw, de
hele wereld. Hij herkende de Alcedo atthis zelfs in de gestroomlijnde vorm van vliegtuigen. Het milde van zijn
bezetenheid uit zich in de verfijnde, subtiele stijl van de kunstwerken.
Tentoonstelling: Hans Waanders: 'Alcedo atthis'. Zoölogisch Museum Amsterdam, Artis Aquarium. T/m 30/7. Dag. 9.30-17.30u. Hoofdingang Artis. Catalogus: In
search of bleu, €7,50.
© NRC Handelsblad, 4 mei 2004