Uiteindelijk strijkt het gezin in de zuidelijkste provincie van Nederland neer. Debbie doet in Sittard de lerarenopleiding tekenen/handvaardigheid, maar maakt na een jaar de overstap naar de pedagogische academie in Roermond. „Ik ben blijven schilderen en tekenen, iets waar ik al van jongsaf plezier in heb. Mijn vader schilderde in zijn vrije tijd ook. Hij was autodidact, maar als meisje bewonderde ik zijn werk al.”
Debbie weet met aquarel en acryl om te gaan, en krijgt dankzij Marcel Verwijlen, docent aan de kunstacademie van Maastricht, het schilderen met olieverf onder de knie. Ze werkt vooral op linnen, waarbij de maten van het doek sterk variëren. „Ik werk het liefst op een groot oppervlak en hou er zelf niet van om fotorealistisch te schilderen. Ik vind het leuk om een bepaalde vrijheid te hebben. Mijn schilderijen die plein air –in de buitenlucht– zijn gemaakt, hebben een impressionistisch karakter. In mijn atelier schilder ik laag over laag en werk ik het object meer uit.” Nagenoeg in alle gevallen biedt de natuur en de wilde fauna in haar directe omgeving de kunstenaar voldoende inspiratie. „Ik wil alleen dat schilderen, waarmee ik contact heb gehad.”
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
kunstenaars |