Hendrik Johannes Slijper (° 1922 - † 2007)
kunstenaars

HENDRIK JOHANNES SLIJPER werd op 3 januari 1922 geboren te Amsterdam, maar verhuisde drie maanden daarna naar Heemstede. Tot 1938 wonend op de gronden van het voormalige landgoed Bosch en Hoven kwam de jongen in aanraking met een overstelpende vogelrijkdom. Reigers en ijsvogels waren regelmatige bezoekers van de kleine vijver achter het huis, drie soorten spechten klauterden in de hoge iepen, groenling, braamsluiper en spotvogel behoorden tot de broedvogelbevolking naast lijster, merel, koolmees, vink, winterkoning en grauwe vliegenvanger. De jongen, die de aanleg voor tekenen van zijn vader Evert Klaas had geërfd, had vanaf zijn dertiende jaar teken- en schilderles en slaagde in 1939 met een negen voor tekenen voor het eindexamen Mulo-A. Het gezin was toen al verhuisd naar Bussum, waar hij kennismaakte met nieuwe, boeiende landschappen zoals de heide met korhoenders, het plassengebied en de IJsselmeerkust. Slijper ging naar het Rijksinstituut tot Opleiding van Tekenleraren te Amsterdam en studeerde daarna aan de Rijksacademie van Beeldende Kunsten, waar onder andere Karel Appel en Corneille (Cornelis Beverloo) tot zijn klasgenoten behoorden. De kunstenaar, die in 1943 kort in het concentratiekamp Vught gevangen werd gehouden, huwde in 1947 met Fenny Heinke Dolstra, waarvan hij in 1954 scheidde. Zoon Hubert Jan zag in 1949 het levenslicht.

Voor het Laboratorium voor Bloembollenonderzoek in Lisse beeldde Slijper in waterverf uiterst nauwkeurig ziektebeelden van planten uit en hij illustreerde ook catalogi van bloembollenfirma’s. In deze periode leerde hij Henricus Rol, schilder van de Verkade-plaatjes, kennen. Slijper maakte in de jaren vijftig ook kennis met de valkerij, die hem meer dan ooit in contact met het buitenleven bracht. Hij vervaardigde zelfs van zacht leer een ”Indische huif” voor jachtvalken, die als ”Slijper hood” nog steeds bekend is. Schaatsen was een andere grote liefhebberij; in februari 1954 reed hij de Friese Elfstedentocht uit. Vanaf september van dat jaar gaf hij teken- en schilderlessen aan de Gooise Academie in het Larense Hotel Hamdorff. Hij zou dit blijven doen tot 1979. Slijper huwde in 1956 met Christane Gerretsen. In 1971 trad de tekenaar voor de derde maal in het huwelijk, met Thea ter Berg.

Slijper illustreerde veel natuurboeken. „Als er vroeger een boekje over vogels moest worden uitgegeven, dan werden er maar twee namen genoemd: die van Rein Stuurman en die van mij. En als Rein de opdracht kreeg, at ik droog brood. Dan zat ik maar wat voor mezelf te klooien.” Hij schilderde (olieverf), tekende (pen, pastel) en aquarelleerde in figuratief-impressionistische stijl ook schoolwandplaten, landschappen, portretten en stillevens. Zijn landschapsgouaches tonen een onbekommerde, soms zelfs roekeloze houding: hij schilderde met brede streken, met veel kleur en met durf. Naar eigen zeggen heeft hij het meest geleerd van het kopiëren van schilderijen van Hollandse meesters. Samen met de apotheker J. J. de Bois ontraadselde hij enkele fundamentele ambachtelijke toepassingen van oude pigmenten en bindmiddelen die deze schilders gebruikten.

Slijper maakte nog een tijd mee dat het bezit van een verrekijker verre van algemeen was. „…Voor die tijd ging alles door te sluipen, tot je vlakbij was, en dan met het blote oog waarnemen. Alleen zo kon je het verband leggen tussen zang en verenkleed”, vertelde hij aan ROBIN D’Archy Shillcock in 1988. Een schuilhut was in die dagen een voor de hand liggende, maar niet zo eenvoudige manier om dieren van dichtbij te observeren.

Als vogelschilder, vooral als portrettist van roofvogels, oogste hij veel lof. Zijn werk heeft onmiskenbaar een stempel gedrukt op meer dan een kwart eeuw vogelschilderkunst in Nederland. Zelf verafschuwde hij de benaming ”vogelschilder”; Slijper noemt zich liever een schilder die ook vogels schilderde. „Ik ben een typische atelier- en museumman, ik kan dagen in stillevens, portretten en zelfs vogelillustraties verdiept zijn.” Ook wist hij niet wat inspiratie was. „Hard werken als een klerk van negen tot vijf… Soms kan ik zeggen dat ik geïnspireerd gewèrkt heb.” Zijn handicap –in april 1981 trof hem een hersenembolie, die hem linkszijdig verlamde– beperkte weliswaar zijn mogelijkheden, maar nauwelijks zijn verscheidenheid aan onderwerpen die hij aankon. „Alles wat leeft en groeit en meer en meer het totaallandschap.” Na een langdurig verblijf in het ziekenhuis en een periode van revalidatie ging hij weer aan de slag, eerst onder de schuilnaam Raymond Abâcheur. Zijn tekeningen verschenen onder meer in het boek ”Roofvogels en Uilen van Europa” (1986) van prof. Karel Hendrik Voous (° 1920 - † 2002) en –samen met die van AD CAMERON, INGE VAN NOORTWIJK en DICK POPPE – eveneens in diens boek ”Moerasvogels van Europa” (1992).

Met achttien andere natuurillustratoren en –kunstenaars werkte Slijper in 1986 mee aan ”Prins Bernhard als natuurbeschermer”. Dit boekje verscheen ter gelegenheid van de 75e verjaardag van de prins en toont drie gouaches van zijn hand. In 1990 nam Slijper deel aan het project ”Wind, Wad & Waterverf”, waarbij een internationaal gezelschap van 25 kunstenaars Schiermonnikoog portretteerden. Zijn zeventigste verjaardag was voor het Singer Museum in Laren in 1993 aanleiding een overzichtstentoonstelling aan zijn omvangrijke oeuvre te wijden, die door SIEGFRIED WOLDHEK werd geopend. De toenmaligedirecteur van Wereld Natuur Fonds Nederland onthulde bij die gelegenheid de werkelijke identiteit van de ‘Franse’ schilder Abâcheur. De Walburg Pers gaf bij de expositie tevens het boek ”Hendrik Slijper, een overzicht” uit. Behalve in Nederland exposeerde de kunstenaar ook in de VS (”Birds in Art” van het Leigh Yawkey Woodson Art Museum in 1981, 1982, 1983, 1987 en 1989) en Frankrijk.

Slijper kreeg diverse blijken van waardering. In 1946 ontving hij een eervolle vermelding van de Willink en Collen Prijs voor schilderkunst. De Royal Horticultural Society in Londen onderscheidde hem in 1957 met de ”Silver Gilt Grenfell Medal” voor zijn aquarellen van plantenziekten. Sheik Zayed-bin-Sultan overhandigde hem, evenals ZHK Prins Bernhard en de valkenier Jac. van Gerven, een vergulde sierdolk wegens medewerking aan het welslagen van de conferentie over valkerij en natuurbehoud in 1976 in de Verenigde Arabische Emiraten. Een jaar eerder was de kunstenaar onderscheiden met de Gouden Lepelaar. Evenals prof. Voous, kreeg hij in 1987 een bronzen penning van de Nederlandse Stichting voor Internationale Vogelbescherming. In 1986 ontving de kunstenaar de Zilveren Anjer.

Henk Slijper, die de laatste jaren van zijn leven in het Rosa Spier Huis te Laren woonde, overleed op 3 november 2007.

virtuele galerie
kunst kopen

kunstenaars