bezit drie aquarellen van hem (”The mobbing”, ”The Black-headed Gull Colony” en ”The Gannetry”).
Keulemans, die de stijl van Gould volgt, omschrijft zichzelf als een wetenschappelijk kunstenaar. Hij heeft nauwelijks tijd om te experimenteren. Het is kiezen tussen natuurgetrouw en levensecht. Keulemans kiest voor het eerste, waardoor sommige vogels wat stijfjes overkomen. Daarbij past de kanttekening dat hij nieuw ontdekte vogels aan de hand van vaak slecht geprepareerde exemplaren in hun natuurlijke houding moet zien af te beelden.
Met de plotselinge dood van zijn 28-jarige vrouw Engelina staat Keulemans alleen voor de zorg van zes kinderen. Kort daarna, omstreeks 1877, als hem ook de Britse nationaliteit wordt toegekend, trouwt ”JGK” met de Ierse Arabella Miley. Uit dit huwelijk worden nog eens acht kinderen geboren. Naarmate Keulemans ouder wordt, groeien ook de financiële zorgen. Hoewel de kunstenaar bij collega’s verlegen overkomt, beschouwt zijn familie hem meer als een beetje excentriek. Keulemans, die soms gekleed in een lange onderbroek dagenlang in zijn studio zit te tekenen, beheerst diverse talen, is muzikaal, kijkt naar sterren en houdt zich ook bezig met spiritisme. In huis vliegen diverse vogels vrij rond, waarbij een spreeuw zelfs het eten van Keulemans bord pikt.
Kort voor zijn dood tekent hij op een aquarel zijn eigen grafsteen. De tekst daarop luidt ”Hier ligt het lichaam van J. G. Keulemans, wiens bloed door oplichters werd uitgezogen”. In kleine letters vermeldt Keulemans ook de namen van zijn, vaak vermogende opdrachtgevers die hem lang op zijn geld lieten wachten. Keulemans sterft op 29 maart 1912, maar zijn woorden worden nooit op een zerk gebeiteld, omdat zijn weduwe gewoonweg geen steen kan betalen. Hij wordt in een gemeenschappelijk graf begraven in Ilford, een voorstad van Londen.