Reinder Homan (° 1950)
kunstenaars

REINDER HOMAN, op 12 december in Smilde geboren, houdt zich al meer dan dertig jaar bezig met het maken van etsen. Tussen 1968 en 1975 volgde hij een opleiding aan de Academie voor Beeldende Kunsten ”Minerva” te Groningen en van 1975 tot 1976 aan de Jan van Eyck Academie in Maastricht. Uit zijn verfijnde en sfeervolle landschappen en natuurstudies blijkt hoe Homan de etstechniek beheerst.

Hij weet zijn onderwerpen met een schijnbaar speels gemak vast te leggen in zink en koper. De onderwerpen zijn meestal ontleend aan de natuur van het gebied dat hem het meest na het hart ligt: Noord-Nederland. Het karakter van de met houtwallen omzoomde weide- en akkerlanden, doorsneden door beekjes en diepjes van het "Friesche wouden" en het Groninger Westerkwartier weet hij goed te treffen. Net als de weidse, met riet en begroeide IJsselmeerkust of de geheimzinnige Drentse en Gaasterlandse bossen. Het vaak zeer doorwerkte patroon van fijne lijntjes, soms ondersteund door zacht grijze aquatintpartijen, is kenmerkend voor zijn manier van werken. Hij weet daarnaast het wezen van één bepaalde boom of plant in een ets te vangen. Elk gewas langs pad of slootkant geeft Homan in detail weer, bij voorkeur vanuit een kikkerperspectief. Zijn etsen leggen een chaotisch door elkaar groeiende flora vast van riet, klaver, paardebloemen en andere inheemse planten. „Ik koester die wanorde als tegenhanger van de alles regelende mens.” In dit soort prenten ontstaat door de afname van de intensiteit van het zwart naar de achtergrond een atmosferisch perspectief. De bomen en planten in de verte worden echter met evenveel oog voor structuur en detail vastgelegd als die op de voorgrond. Bij de bioloog zal, ondanks al de verfijnde precisie, veel botanische lust onbevredigd blijven. Er spreekt dikwijls een romantische sfeer uit Homans etsen.

Bij zijn prenten gaat het om de poëzie van de werkelijkheid, waarin het mooie onvermijdelijk onderhevig is aan verval. Ze tonen het landschap zoals het erbij lag op die heiige ochtend, van de eerste sneeuw op die dag op dat akkerlandje. Nog sterker tot de verbeelding spreken de boomstammen van dichtbij, een wonderlijke kronkeling van stammen en takken. Tussen het spontane waarnemen, het registreren van alle mogelijke beelden in de natuur, en het drukken van een ets ligt een langdurig proces dat bijna fotografisch is. Het eerste beleven slaat de Friese kunstenaar op in een soort „koelkast”. „Ik draag het met me mee om het innerlijk te verwerken. Daarna komt alles weer tot leven, beetje bij beetje, in mijn etsen. Dan heb ik in de eindfase het begin teruggehaald. Maar als het om ingewikkelde details gaat en niet zo zeer om landschappen, neem ik planten mee naar huis.” De natuur is volgens hem veel gevarieerder dan mensen kunnen bedenken. „Als tekenaar kun je allerlei determineerschema’s uit boeken halen zodat een prent ergens op lijkt. Maar ik heb ervaren dat een plant of dier altijd net even anders is. Je kunt je er niet verstandelijk op voorbereiden.” Het in 2000 verschenen boek ”Reinder Homan”, geschreven door Theo Laurentius Wim van der Beek, geeft een overzicht van zijn werk vanaf 1984 tot 2000. In hetzelfde jaar is de graficus een van de 20 kunstenaars die zich –op uitnodiging van galerie Het Posthuys– laten inspireren door het Texelse landschap. Dit project resulteert in het boek ”Texel in schoonheid verbeeld”.

Homan exposeerde in diverse musea in Nederland, waaronder het Singer Museum in Laren, het Fries Museum in Leeuwarden en Museum Møhlmann te Venhuizen. Zijn werk bevindt zich in het Drents Museum in Assen, het Rijks Prentenkabinet te Amsterdam, Boymans van Beuningen te Rotterdam en het Hunt Institute for Botanical Documentation in Pittsburgh. In 1990 won Homan de Nederlandse grafiekprijs.

virtuele galerie
kunstenaars