WALTY DUDOK VAN HEEL zag wolven in kariboes bijten, dook met dolfijnen het water in, streelde de pels van otters en knuffelde Zwiertje, een wild zwijn. Ook sprongen Fiep, een verweesd reekalfje, en das Dakkel haar leven binnen. De kunstenares kon als geen ander met honden en paarden omgaan en beschikte bovendien over het talent om actie in de natuur trefzeker vast te leggen. Twee- én driedimensionaal. Op haar zesde zette Walty al paarden en dolfijnen op papier. Kinderlijk, maar heel herkenbaar. En de verhoudingen klopten. Walty wilde dierenarts worden, maar op advies van haar ouders volgde ze een opleiding tot tekenlerares. Tijdens de vijfjarige opleiding aan d’ Witte Leli in Amsterdam mocht ze echter geen dier meer tekenen. Ze studeerde af op vliegtuigen. In 1985 startte ze haar carričre als vrij gevestigd kunstenares en illustratrice, waarbij ze haar voornaam als handsmerk liet registreren. De eerste opdracht kreeg ze van Grasduinen. Buitenlandse bladen als Terre Sauvage, Natur, BBC Wildlife en Airone, het grootste natuurmagazine van Italië, volgden. Vanaf 1992 verzorgde Walty bovendien een wekelijkse column in Margriet, waarin ze liet zien wat voor leven ze met haar eigen dieren leidde. „Ik zou dit werk drie hoog op een flat niet kunnen doen. Hier loop je constant de natuur tegen het lijf. Dat is mijn grote inspiratiebron”, zei ze zelf. De kuntenares spiegelde de natuur niet mooier voor dan die is. „De natuur heeft ook heel dramatische kanten. Heb je wel eens gezien hoe een wolf een eland pakt? Hij bijt zijn prooi niet in een keer dood, maar begint aan het dier te sjorren en te trekken. Dat is geen prettig schouwspel.” Walty bezat het talent om het natuurlijke gedrag van dieren uit te beelden, hun bewegingen te vangen. Door middel van snelle schetsen in potlood, Siberisch krijt, aquarel en olieverf. „Ik heb een fotografisch geheugen met betrekking tot dieren", vertelde ze. „Ik vergeet alle namen, kan geen enkele afspraak onthouden als ik die niet onmiddellijk in mijn computer opsla, maar ik hoef een eend maar een keer op te zien vliegen en mijn hersens slaan dat beeld op. Als ik daarna mijn ogen sluit kan ik het tafereel moeiteloos weer oproepen om het vast te leggen op een schilderij." De verschijning van het dier kwam vaak naar voren vanuit abstracte vormen. De kunstenares zocht eerst naar vormen in kleur, compositie en textuur. Uit dat beeld ‘welde’ een dier in beweging op. Details van kop, vacht of veren werden scherp afgebeeld en vormden het rustpunt van de tekening. Walty bouwde haar schilderijen op uit verschillende lagen, vaak afgemaakt met een paletmes. De oppervlaktestructuur, rijk aan reliëf, droeg in belangrijke mate bij aan de dynamiek van het bewegende dier. Vooral haar olieverven zijn realistische, van het doek spattende composities, pogingen om het statische van ”fotorealisten”–die elk detail perfect weergeven– te vermijden. „Ik wil een losse tekening, een eigen handschrift, een persoonlijke uitstraling van mijn werk”, aldus de kunstenares, die naar eigen zeggen geen andere kunstenaars als voorbeeld had. Wel bewonderde ze de veldschetsen van John Busby. „Deze bescheiden Engelse schilder slaagt erin vliegbeelden van vogels raak neer te zetten.” Walty beheerste verschillende stijlen, maar haar specialiteit was het vastleggen van actie en dynamiek. Ze werkte niet aan de hand van foto’s, maar met levende modellen. Op die manier had ze geleerd anders naar heel gewone dieren te kijken. „Mijn werk zit tussen foto en film in”, zie ze eens tijdens een interview. „Het zijn impressies van bijvoorbeeld vogels die ik in de vlucht heb gezien, van silhouetten en details die me zijn bijgebleven.” Op die manier was ze in staat bewegingen weer te geven, die met een camera welhaast niet te ‘vangen’ zijn. Actie kwam ook terug in Walty’s andere artistieke bezigheid: het maken van bronzen beelden voor tuinen en interieurs. Met het vervaardigen van exclusieve sculpturen voor schepen wilde zij zich onderscheiden. Zo mocht Walty in 2001 het Amerikaanse megajacht ”Detroit Eagle” verfraaien met negen kunstwerken in aquarel en brons. Vooral dolfijnen en andere zeedieren inspireerden haar bij deze opdracht. Met achttien andere natuurillustratoren en –kunstenaars werkte Walty Dudok van Heel in 1986 mee aan ”Prins Bernhard als natuurbeschermer”. Dit boekje verscheen ter gelegenheid van de 75e verjaardag van de prins en bevat enkele pastels van vogels van haar hand. Zelf publiceerde zij enkele boeken, zoals ”Walty’s Vogels”, ”Walty’s Buitenleven” en ”Wat Denkt Mijn Hond Van Mij?”. De winkelketen Blokker verkocht borden en mokken met haar afbeeldingen van honden, paarden en herten. In 1990 nam ze ook deel aan het project ”Wind, Wad & Waterverf”, waarbij 25 kunstenaars Schiermonnikoog portretteerden. Walty exposeerde in Nederland (onder andere 'T KUNSTHUIS VAN HET OOSTEN en KUNSTGALERIE OOG VOOR NATUUR), Duitsland en de VS (in 1987, 1988, 1991 en 1993 ”Birds in Art” van het LEIGH YAWKEY WOODSON ART MUSEUM). In de zomer van 2006 werd bij Walty kanker geconstateerd, een ziekte waaraan zij op 12 april 2009 overleed. De kunstenares, die de natuur een warm hart toedroeg en wiens werk door een grote schare bewonderaars wordt gewaardeerd, kreeg in Lage Vuursche haar laatste rustplaats.